Sint Bonaventura
Bezieling en bezinning in het onderwijs

Vrijheid van onderwijs.

  Tijdens de zomervakantie van 2019 kwam,
ongetwijfeld om reizigers te verleiden om nog meer te treinen,
om alle culturele festivals in den lande te bezoeken,
op de informatie / reclame schermpjes in de trein  de volgende 'kunstquote' van Albert Camus langs. 

"Als de wereld begrijpelijk was, zou er geen kunst bestaan"
(Si le monde était clair, l'art ne serait pas).
'De mythe van Sisyphus' (1942)

 

 

Artikel 23 van de grondwet mag zich ook weer op brede belangstelling verheugen. Behalve ten gevolge van (vermeend) wanbeleid (Cornelis Haga), speelt de aanpassing van de regelgeving m.b.t. het oprichten van scholen én een zoveelste, binnenkort te verschijnen, rapport van de onderwijsraad over de vrijheid van onderwijs hier ongetwijfeld een belangrijke rol.
Allerlei partijen proberen blijkbaar door met name het genereren van media-aandacht hier hun invloed te laten gelden. BONA is van mening dat beleid n.a.v. een (vermeend) incident niet gewenst is. En dat artikel 23 veelal ter discussie wordt gesteld op basis van opvattingen die getuigen van een karikaturaal beeld van de persoonlijke en maatschappelijke betekenis van religie, een beeld dat neigt naar intolerantie. 
Als een van de vele pleitbezorgers voor de vrijheid van onderwijs is het ook de taak van Bonaventura om hard op na te denken over de verschillende manieren waarop die vrijheid, op basis van hedendaagse opvattingen over mens, opvoeding, maatschappij, religie, onderwijs en zingeving  steeds weer opnieuw zinvol ingevuld kan en moet worden.

Graag horen we uw ervaringen, inzichten en meningen over (on)nut en (on)noodzaak van art 23.. 
Wij zullen, hopelijk samen met CVHO en AOb, vóór 15 september een reactie bij de onderwijsraad neerleggen. Een reactie die we hier natuurlijk ook zullen publiceren.

TEGENSTANDERS ART 23 OP BEZOEK BIJ HET KATHOLIEK ONDERWIJS
Na een bezoek aan een katholieke basisschool blijken 4 prominente voorstanders van het Openbaar Onderwijs (en helaas tegelijkertijd ook tegenstanders van art. 23)(waarom dat zo vaak samengaat is voor Sint Bonaventura overigens helemaal niet vanzelfsprekend) opvallend positief over de kwaliteit van het daar gegeven onderwijs. Ze herkennen zelfs hun eigen ambities, erkennen dat het aan hun criteria voldoet. Kijk hier voor het katholieke verslag. En hier voor en verslag van de bezoekers.
Jammer dat de bezoekers niet kunnen of willen begrijpen dat het juist de vrijheid van onderwijs is die katholieke docenten de ruimte geeft om vanuit hun (gedeelde) levensbeschouwelijke achtergrond kwalitatief hoogwaardig onderwijs te verzorgen. 

IDENTITEIT KATHOLIEKE BASISSCHOLEN
Medio 2018 verscheen bij de Radboud Universiteit te Nijmegen een onderzoeksrapport naar de identiteit van katholieke basisscholen. In dat onderzoek zijn de volgende vragen beantwoord ten aanzien van katholieke basisscholen:

- Wat is de samenstelling van leerlingen en staf?
- In welke mate stemt de school in met onderwijsdoelen, opvoedingsdoelen en doelen en activiteiten van levensbeschouwelijke vorming?
- Welke typologie van identiteit van katholieke basisscholen kan er worden gemaakt, en welke doelen rond onderwijs, opvoeding en levensbeschouwelijke vorming zijn kenmerkend voor de verschillende typen?
- Wat is de relatie met contextfactoren zoals stedelijkheid, regio en schoolomvang?

De in het onderzoek beschreven verschillen tussen de katholieke basisscholen onderling (de onderzoekers komen tot een typologie van 4 soorten van katholieke scholen) maken duidelijk dat de beeldvorming dat er geen verschil meer zou bestaat tussen katholiek en openbaar/bijzonder algemeen onderwijs geen recht doet aan de feitelijke onderwijspraktijken op de scholen.

Bekijk het rapport: Identiteit van katholieke basisscholen, een typologie op basis van beleid en leerlingenpopulatie (rapport nr. 650) 

Relevante quotes te momenteel (m.n. op internet) de revue passeren:

Vrijheid van onderwijs is de keerzijde van de leerplicht. Ouders wordt verplicht hun kinderen naar school te sturen maar mogen dan wel zelf kiezen naar welke school. Dat is alleszins redelijk.

N.a.v. het gebruik van (karikaturale) benamingen als religieus, godsdienstig of geloofsonderwijs voor wat gewoon bijzonder onderwijs op confessionele grondslag heet:
- Religieus onderwijs suggereert dat het onderwijs religieus is, en dat mag, maar dat ken ik niet uit de praktijk. Bij confessioneel onderwijs wordt meestal verwezen naar de inspiratie, ontleend aan een geloofsovertuiging. "What's in a word?"
- Geloofsonderwijs of religieus onderwijs is onderwijs dat inleidt in één religie met als doel een eventueel actieve(re) participatie in die specifieke religie en wordt vormgegeven binnen de context van die specifieke religie.
- Dit soort pleidooien voor meer of alleen openbaar onderwijs doen mij 't ergste vrezen voor de kwaliteit van 't openbaar onderwijs. Tentoongespreid onbegrip staat haaks op respect voor alle levensbeschouwingen, kenmerk van goed onderwijs. En wettelijke eis aan openbaar onderwijs. 

N.a.v pleidooien voor alleen rationeel en seculier openbare onderwijs waarbij met denkt dat men zo geloof en ideologie buiten de school kan houden:
Als je levensbeschouwing, bv in de vorm van religie, buiten de school houdt, hoe kun je dan een bijdrage leveren aan de ontwikkeling van kennis en inzicht over (je eigen en andermans) levensbeschouwing? Want overdracht van kennis en ontwikkeling van inzicht zijn fundamenteel voor goed onderwijs. 

Anders blijven doelen als respect etc. morele principes in plaats van tegelijkertijd doorleefde inzichten & bewuste rationele  keuzes Overigens dergelijk onbegrip bij gespreksdeelnemers die (op voorhand en op principiële gronden) voor openbaar onderwijs en tegen bijzonder onderwijs (op confessionele grondslag zijn) over de maatschappelijke & persoonlijke betekenis van levensbeschouwing is 'n fundamentele bedreiging voor een van de basisprincipes van openbaar onderwijs: "Het openbaar onderwijs wordt, met eerbiediging van ieders godsdienst of levensovertuiging, bij de wet geregeld." (art 23 lid 3)