Sint Bonaventura
Bezieling en bezinning in het onderwijs


Vrijheid van onderwijs.

Op deze pagina verzamelen we (links naar) allerlei relevante informatie m.b.t. dit dossier. Mede om het debat in onze vereniging te stimuleren.

Zonder te overdrijven kunnen we wel stellen dat art. 23 Grondwet een voorwerp van aanhoudende zorg van Sint Bonaventura is. Recente aanleiding: in de tweede kamer ontspoorde de discussie over de aanscherping van de burgerschapsopdracht helemaal. Alweer twee jaar omdat de onderwijsraad het onderwijsveld en de samenleving uitnodigde om mee te denken over art. 23, ze schrijven daar momenteel aan een advies over. Nog langer omdat artikel 23 ook betrekking heeft op de professionele ruimte noodzakelijk voor een goede invulling van het leraarschap. Een ruimte die door ontwikkelingen als onderwijs 2032 / curriculum.nu alweer een jaar of 10 extra onder druk staat. Onder invloed van schaalvergroting, marktdenken, krimp, meetbaarheid- en maakbaarheid ambities, prestatiegerichtheid en individualisering worden de professionele ruimte, waardering en salariëring van de leraar al een aantal decennia steeds minder. Maar de vrijheid van onderwijs ("het geven van onderwijs is vrij") impliceert ook de vrijheid van de leraar. Vandaar dat de vrijheid van onderwijs een voorwerp van aanhoudende zorg is van de katholieke lerarenvereniging Sint Bonaventura.

"Als de wereld begrijpelijk was, zou er geen kunst bestaan"

(Si le monde était clair, l'art ne serait pas). Misschien zou je in dit citaat uit 'De mythe van Sisyphus' (1942) van Camus uit in plaats van kunst ook religie of geloof kunnen lezen. Wat ons opvalt is dat we bij de minderheid die het duale onderwijsstelsel ter discussie meent te moeten stellen een puur rationele visie op de mens, op leren, op kennis, op het onderwijs  tegenkomen. Daarom hier maar even Camus ten tonele gevoerd.

(Het bestuur van) Sint Bonaventura participeert op verschillende plekken en op verschillende niveaus in het al meer dan 100 jaar oude gesprek over artikel 23. Een gesprek dat veel te vaak en met enige regelmaat vaak even in het middelpunt van de media belangstelling staat. Meestal naar aanleiding van een incident waar politici en media om hen moverende redenen op inspringen. Daar is iedere keer van alles over te zeggen, maar rode draad lijkt dat men het verschil tussen grondwet en onderwijswetgeving of niet kent of bewust over het hoofd ziet om toch een punt te kunnen maken.

Tevens lijkt het erop dat politici en andere van media aandacht afhankelijke opiniemakers zo de aandacht afleiden van hoe de politiek te kort schiet om het onderwijs voldoende te faciliteren. Met als gevolg het lerarentekort, schaalvergroting, een groot personeelsverloop, verzakelijking, achteruitgaande reken- en taalresultaten, salarisachterstand t.o.v. gelijk opgeleiden in andere sectoren, de autonome ruimte noodzakelijk om de pedagogische opdracht van het onderwijs in te perken en in te vullen, etc. Praten over artikel 23 grondwet is een handige kapstok om je goede bedoelingen voor het voetlicht te brengen en in de concrete wetgeving achter de feiten aan blijven lopen.

Graag horen we uw ervaringen, inzichten en meningen over nut en noodzaak van artikel 23 Grondwet. Een aanzet voor een actuele visie op de vrijheid van onderwijs vindt u hier. Dit concept visiestuk hebben we geschreven n.a.v. de in 2019 gestarte consultatie over dit onderwerp door de onderwijsraad. En ook geschreven om dit onderwerp binnen Bona, maar ook binnen de AOb aan de orde te stellen. Helaas meende de AOb te moeten wachten tot na de aangekondigde publicatie van de onderwijsraad. 

Maar ook op andere plekken praten we over de vrijheid van onderwijs. En kijk hier naar het standpunt van de NKSR, de Nederlandse Katholieke Schoolraad, waar Sint Bonaventura bij is aangesloten en een plaats heeft in het algemeen bestuur. Samen met CNV-onderwijs, Verus namens de katholieke besturen en schoolleiders en vertegenwoordigers van kerk en bisdommen.

Graag wijzen we u ook op twee actuele visies op dit vraagstuk, een van een van onze gesprekspartners 
Erik Borgman voor meer vrijheid en diversiteit in het onderwijs. In de zelfde serie interviews (podcast) geeft ons oud-bestuurslid Marieke Beemsterboer aan dat Islamitisch Onderwijs de integratie juist kan bevorderen.

Artikel 23 van de grondwet mag zich alweer op brede belangstelling verheugen. Behalve ten gevolge van (vermeend) wanbeleid (Cornelis Haga), spelen de aanpassing van de regelgeving m.b.t. het oprichten van richtingsvrije scholen én een zoveelste, binnenkort te verschijnen, rapport van de onderwijsraad over de vrijheid van onderwijs hierbij ongetwijfeld een belangrijke rol. 

Allerlei partijen proberen blijkbaar door met name het genereren van media-aandacht hier hun invloed te laten gelden. BONA is van mening dat beleid n.a.v. een (vermeend) incident niet gewenst is. En dat artikel 23 veelal ter discussie wordt gesteld op basis van opvattingen die getuigen van een karikaturaal beeld van de persoonlijke en maatschappelijke betekenis van religie, een beeld dat neigt naar intolerantie. 
Als een van de vele pleitbezorgers voor de vrijheid van onderwijs is het ook de taak van Bonaventura om hard op na te denken over de verschillende manieren waarop die vrijheid, op basis van hedendaagse opvattingen over mens, opvoeding, maatschappij, religie, onderwijs en zingeving  steeds weer opnieuw zinvol ingevuld kan en moet worden.

TEGENSTANDERS ART 23 OP BEZOEK BIJ HET KATHOLIEK ONDERWIJS
Na een bezoek aan een katholieke basisschool blijken 4 prominente voorstanders van het Openbaar Onderwijs (en helaas tegelijkertijd ook tegenstanders van art. 23)(waarom dat zo vaak samengaat is voor Sint Bonaventura overigens helemaal niet vanzelfsprekend) opvallend positief over de kwaliteit van het daar gegeven onderwijs. Ze herkennen zelfs hun eigen ambities, erkennen dat het aan hun criteria voldoet. Kijk hier voor het katholieke verslag. En hier voor en verslag van de bezoekers.
Jammer dat de bezoekers niet kunnen of willen begrijpen dat het juist de vrijheid van onderwijs is die katholieke docenten de ruimte geeft om vanuit hun (gedeelde) levensbeschouwelijke achtergrond kwalitatief hoogwaardig onderwijs te verzorgen. 

IDENTITEIT KATHOLIEKE BASISSCHOLEN
Medio 2018 verscheen bij de Radboud Universiteit te Nijmegen een onderzoeksrapport naar de identiteit van katholieke basisscholen. In dat onderzoek zijn de volgende vragen beantwoord ten aanzien van katholieke basisscholen:

- Wat is de samenstelling van leerlingen en staf?
- In welke mate stemt de school in met onderwijsdoelen, opvoedingsdoelen en doelen en activiteiten van levensbeschouwelijke vorming?
- Welke typologie van identiteit van katholieke basisscholen kan er worden gemaakt, en welke doelen rond onderwijs, opvoeding en levensbeschouwelijke vorming zijn kenmerkend voor de verschillende typen?
- Wat is de relatie met contextfactoren zoals stedelijkheid, regio en schoolomvang?

De in het onderzoek beschreven verschillen tussen de katholieke basisscholen onderling (de onderzoekers komen tot een typologie van 4 soorten van katholieke scholen) maken duidelijk dat de beeldvorming dat er geen verschil meer zou bestaat tussen katholiek en openbaar/bijzonder algemeen onderwijs geen recht doet aan de feitelijke onderwijspraktijken op de scholen.

Bekijk het rapport: Identiteit van katholieke basisscholen, een typologie op basis van beleid en leerlingenpopulatie (rapport nr. 650) 

(actuele) quote's die (m.n. op internet) de revue passeren:

Vrijheid van onderwijs is de keerzijde van de leerplicht. Ouders wordt verplicht hun kinderen naar school te sturen maar mogen dan wel zelf kiezen naar welke school. Dat is alleszins redelijk.

N.a.v. het gebruik van (karikaturale) benamingen als religieus, godsdienstig of geloofsonderwijs voor wat gewoon bijzonder onderwijs op confessionele grondslag heet:
- Religieus onderwijs suggereert dat het onderwijs religieus is, en dat mag, maar dat ken ik niet uit de praktijk. Bij confessioneel onderwijs wordt meestal verwezen naar de inspiratie, ontleend aan een geloofsovertuiging. "What's in a word?"
- Geloofsonderwijs of religieus onderwijs is onderwijs dat inleidt in één religie met als doel een eventueel actieve(re) participatie in die specifieke religie en wordt vormgegeven binnen de context van die specifieke religie.
- Dit soort pleidooien voor meer of alleen openbaar onderwijs doen mij 't ergste vrezen voor de kwaliteit van 't openbaar onderwijs. Tentoongespreid onbegrip staat haaks op respect voor alle levensbeschouwingen, kenmerk van goed onderwijs. En wettelijke eis aan openbaar onderwijs. 

Naar aanleiding van pleidooien voor alleen rationeel en seculier openbare onderwijs waarbij met denkt dat men zo geloof en ideologie buiten de school kan houden:
Als je levensbeschouwing, bv in de vorm van religie, buiten de school houdt, hoe kun je dan een bijdrage leveren aan de ontwikkeling van kennis en inzicht over (je eigen en andermans) levensbeschouwing? Want overdracht van kennis en ontwikkeling van inzicht zijn fundamenteel voor goed onderwijs. 

Anders blijven doelen als respect etc. morele principes in plaats van tegelijkertijd doorleefde inzichten & bewuste rationele  keuzes Overigens dergelijk onbegrip bij gespreksdeelnemers die (op voorhand en op principiële gronden) voor openbaar onderwijs en tegen bijzonder onderwijs (op confessionele grondslag zijn) over de maatschappelijke & persoonlijke betekenis van levensbeschouwing is 'n fundamentele bedreiging voor een van de basisprincipes van openbaar onderwijs: "Het openbaar onderwijs wordt, met eerbiediging van ieders godsdienst of levensovertuiging, bij de wet geregeld." (art 23 lid 3)



E-mailen
Bellen
LinkedIn